Álvaro Choi

Deze blog is vertaald naar het Nederlands door Emilie Franck.

Het evalueren van nationale en/of regionale beleidsmaatregelen aan de hand van grootschalige internationale toetsen is een uitdagende opdracht. Dit komt omdat deze internationale toetsen hiervoor niet ontworpen zijn. Desalniettemin kan men soms uit de gegevens van de  achtergrondvragenlijst van PISA belangrijke lessen trekken over de richting die het beleid moet uitgaan. Een voorbeeld uit Catalonië is het taal-immersieprogramma (TIP) dat sinds 1992 in voege is.

Het TIP

In veel landen wordt bediscussieerd of leerlingen uit minderheidsgroepen moeten worden onderwezen in de officiële taal van het onderwijssysteem, of in hun moedertaal. Voor zover ik weet, zijn er slechts enkele landen in Europa waar immersie-programma’s bestaan: Groenland, de Faeröer en Catalonië.

Het hoofddoel van dit programma is om leerlingen te helpen om een andere taal dan hun moedertaal, te beheersen. Immersie-programma’s verschillen van tweetalige programma’s op vlak van de intensiteit waarmee leerlingen worden blootgesteld aan de taal op school. Het TIP in Catalonië werd uitgerold in de tweetalige Spaans-Catalaanse Gemeenschap met als doel het gebruik van het Catalaans te bevorderen. Het Spaans en het Catalaans zijn beide officiële talen in Catalonië. Het TIP in Catalonië hield in dat leerkrachten tijdens de 10 leerplichtige jaren van leerlingen alle inhoud in het Catalaans moesten onderwijzen. De Catalaanse autoriteiten waren van mening dat de Catalaanse leerlingen “vanzelf” het Spaans zouden leren buiten de school om (familie, vrienden, TV, films, radio, boeken, enz.).

De uitrol van dit beleid is echter controversieel, waarbij de meeste argumenten voor of tegen dit beleid vooral ideologisch van aard zijn. Degenen die het TIP verdedigen, benadrukken de noodzaak om het gebruik van het Catalaans te stimuleren na jaren van verbod en stellen dat tweetaligheid cognitieve voordelen heeft. Studies hebben ook aangetoond dat de kennis van het Catalaans een positief rendement heeft op de arbeidsmarkt. Voorstanders van het TIP argumenteren ook dat door het TIP, Catalaanse leerlingen op het einde van de leerplicht beide talen perfect beheersen. Bovendien zijn de vaardigheden van de Catalaanse studenten in het Spaans vergelijkbaar met die van leerlingen in (Spaanstalige) eentalige regio’s.

Tegenstanders van het TIP beargumenteren dat de sociaal-politieke omstandigheden in Catalonië sterk veranderd zijn en dat ouders vandaag de dag het recht moeten hebben om de onderwijstaal van hun kind te kiezen. Zij maken zich ook zorgen over de mogelijk negatieve effecten van het leren van een andere taal dan hun moedertaal op de leerlingprestaties, en wijzen er ook op dat er tot op heden geen grondige evaluaties van de Spaanse taalvaardigheden van Catalaanse leerlingen in vergelijking met studenten uit de rest van Spanje, bestaan. Meer bepaald, is er zeer weinig evidentie voor de effecten van het TIP op de academische leerlingprestaties in het algemeen.

Beoordeling van het TIP aan de hand van PISA

In een recente studie met Jorge Calero, gebruiken we de PISA data om na te gaan of het Catalaanse onderwijs verschillende effecten heeft op de vaardigheden van 15-jarige studenten naargelang van hun moedertaal. PISA heeft ons in staat gesteld deze analyse uit te voeren omdat; A) de leerlingen die deelnemen aan PISA 2015 geboren zijn in 2000, ruim na de uitrol van het beleid (1992); B) Catalonië een regionaal representatieve steekproef heeft in PISA; C) de PISA-survey in Catalonië wordt bevraagd in het Catalaans; D) alle leerlingen in openbare en particuliere scholen die door de overheid worden gefinancierd, worden onderwezen in het Catalaans; en E) de achtergrondvragenlijst informatie geeft over de taal die thuis wordt gesproken.

Winnaars en verliezers

Onze resultaten suggereren dat, na het controleren op achtergrondkenmerken van leerlingen en schoolkenmerken, Catalaanstalige leerlingen het beter doen dan Spaanstalige leerlingen in lezen en wetenschap, terwijl er geen verschil was in wiskunde (Figuur 1). We observeerden ook dat het negatieve effect van het beleid groter was voor (Spaanstalige) jongens en voor degenen die in openbare scholen studeerden.

Figuur 1. Prestatieverschil tussen Catalaanse en Spaanstalige studenten
Opmerking. Dit zijn de berekeningen van de auteurs met behulp van PISA 2015 data. De cijfers hebben betrekking op het verschil in PISA-scores. Negatieve cijfers verwijzen naar het feit dat Spaanstalige leerlingen het slechter doen dan Catalaanstalige leerlingen.

Alles samengenomen, kunnen we aan de hand van onze studie concluderen dat, hoewel tweetaligheid over het algemeen een troef is, het TIP winnaars en verliezers oplevert. Zoals verwacht, zorgde de publicatie van het rapport voor heftige reacties van de Spaanse conservatieve en de Catalaanse nationalistische media, think tanks en politieke partijen. Uitleggen hoe PISA gebruikt kan worden voor politieke doeleinden in Spanje, is op zich al een andere blogpost waard.

Álvaro Choi is universitair hoofddocent aan de Universiteit van Barcelona.

About the author(s)

Álvaro Choi

Álvaro Choi is Associate Professor at the University of Barcelona and researcher at the Interdisciplinary Group on Educational Policies (GIPE-IGEP). His main research fields are related to the Economics of Education, Public Economics and the Evaluation of Public Policies. He has participated in the evaluation of a number of educational policies. He has worked intensively with international large scale assessments and is an OECD’s Thomas J. Alexander fellow.